Corona Protocol Bijlage 1: Hygiene voorschriften

Relevante hygienevoorschriften voor massage(therapie)praktijk

(bron: NHG-richtlijn voor huisartsen en verloskundigen)

 

Persoonlijke hygiëne

 

Kleding Draag in elk geval schone (werk)kleding met korte mouwen
Sieraden Draag geen sieraden/accessoires aan handen en onderarmen zoals ringen, polshorloges, armbanden en braces
Nagels Houd de nagels kortgeknipt en schoon.
  Draag geen nagellak, kunst- of gelnagels.
Haar & gezicht Draag lang haar opgestoken of bijeengebonden.

 

Zorg voor een kortgeknipte baard/snor die niet in contact kan komen met (de omgeving van) de patiënt of zijn kleding.
Verwijder een sieraad in een piercing wanneer dit hinderlijk is bij de verzorging/behandeling van de patiënt.
Verwijder een oorbel/zichtbare piercing bij ontsteking van de insteekplaats en dek een ontstoken insteekplaats af met een niet-vochtdoorlatende pleister.
Hoest-, snuit en toilethygiëne Hoest/nies met een afgewend gezicht met een papieren zakdoek/tissue voor de mond of hoest/nies in de elleboogplooi.
Gebruik een papieren zakdoek/tissue bij het snuiten van de neus.
Gebruik een papieren zakdoek/tissue eenmalig en gooi deze na gebruik direct weg.
Pas direct handhygiëne toe na hoesten, niezen, snuiten en/of toiletbezoek.
Eten, drinken en roken Eet, drink of rook niet in ruimten voor onderzoek en behandeling, of waar met patiëntmateriaal wordt gewerkt. Vooral bij het roken bestaat de kans dat de mondslijmvliezen worden aangeraakt.

 

Gebruik van telefoon en andere multimedia-apparatuur

 

Gebruik multimedia-apparaten tijdens patiëntgebonden werkzaamheden alleen nadat handhygiëne is toegepast. Houd multimedia-apparaten buiten ‘vieze ruimtes of oppervlakken’.

 

Handhygiëne

 

Momenten Pas handhygiëne toe op de volgende vier momenten:

·       voorafgaand aan fysiek cliëntencontact;

·       na (mogelijk) contact met lichaamsmaterialen en -vloeistoffen;

·       na fysiek cliëntencontact;

·       na fysiek contact met de omgeving van de cliënt.

Handdesinfectie en handreiniging Handdesinfectie met handalcohol heeft de voorkeur boven het toepassen van handhygiëne.
Laat de handen goed drogen na het gebruik van handalcohol.
Was de handen met water en gewone, vloeibare zeep:

·       als zij zichtbaar verontreinigd zijn;

·       na contact met lichaamsvochten, secreta, excreta, slijmvliezen of niet-       intacte huid (zowel van de hulpverlener als van de patiënt), dus ook na:

·       snuiten van de neus;

·       hoesten en niezen;

·       toiletgang.

Droog de handen na het wassen goed.
Pas na het wassen van de handen met water en zeep géén handdesinfectie toe.
Wondjes Dek open wondjes aan de handen of huidbeschadigingen af met een niet-vochtdoorlatende pleister.
Handalcohol

 

Kies gebruiksvriendelijke handalcohol met terugvettende bestanddelen. De handalcohol moet voldoen aan de Europese normering EN 1500 en zijn toegelaten door het Ctgb.

 

Lotion of crème Gebruik een lotion of crème om uitdrogen van de huid tegen te gaan.

 

  Gebruik lotions en crèmes uit kleine tubes (voor persoonlijk gebruik) of uit dispensers met disposable containers die niet worden nagevuld.
Dispensers

 

Gebruik zeep- en handalcoholdispensers waarbij de zeep in het spuitmondje niet besmet kan raken door de handen.

 

Gebruik dispensers met een disposable reservoir dat niet nagevuld wordt. Vervang de gehele voorraadfles wanneer de dispenser leeg is.

 

Gebruik zeep of handalcohol uit een disposable dispenser.

 

Reinig de dispenser bij het vervangen van het reservoir als deze niet disposable is.

 

Handdoeken

 

Gebruik papieren wegwerphanddoekjes.
Persoonlijke beschermingsmiddelen

 

Maak een afweging of persoonlijke beschermingsmiddelen nodig zijn op grond van risico’s: de kans op spatten en spuiten van bloed of andere lichaamsvochten, secreta en excreta in combinatie met de kans op een ernstige infectieuze aandoening.
Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen als er tijdens de (be)handeling een grote kans bestaat op spatten en spuiten van bloed of andere lichaamsvochten, secreta en excreta of een kans op een ernstige infectieuze aandoening.
Pas handhygiëne toe na het afdoen of uittrekken van persoonlijke beschermingsmiddelen.
Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen die voldoen aan de daarvoor geldende normeringen.
Aanbevelingen ruimten en meubilair algemeen

 

Algemeen Zorg voor gladde, goed te reinigen meubelbekleding en gladde, goed te reinigen en te desinfecteren materialen op de vloeren in de praktijk.
Voorzie de behandelkamer van een wasgelegenheid met vloeibare zeep, handalcohol, papieren handdoekjes en een afvalbak.
Voorzie de toiletten van vloeibare zeep, papieren handdoeken en een afvalbak.
Reiniging van ruimten en meubilair

 

Frequentie reiniging Reinig bij morsen van bloed of lichaamsvloeistoffen direct, of in ieder geval voor de volgende patiënt, en desinfecteer vervolgens met alcohol 70%, met chloor 1000 ppm of een ander geschikt desinfectans met een virusclaim dat is toegelaten door het Ctgb. Voor desinfectie van de vloer kan eventueel een lagere chloorconcentratie van 250ppm gebruikt worden gezien het lage infectierisico van vloeren.
Reinig niet-kritische ruimten in elk geval wekelijks en de semi-kritische en kritische ruimten dagelijks. Reinig werkbladen na ieder spreekuur.
Leeg afvalbakken dagelijks.
Reinig personeelstoiletten minimaal wekelijks en openbare toiletten minimaal dagelijks (afhankelijk van intensiteit van het gebruik).
Methode Reinig zo veel mogelijk droog, tenzij dit niet mogelijk is of als er op oppervlakken, meubilair of voorwerpen bloed of ander lichaamsvocht is gemorst.
  Reinig werkbladen met een neutraal reinigingsmiddel met een weggooi werkdoekje.
  Verwijder eventuele (organische) vervuiling met bijvoorbeeld een tissue alvorens met nat schoonmaken te starten.
  Gebruik voor de dagelijkse reiniging van sanitair een alkalisch reinigingsmiddel. Gebruik voor preventie en verwijdering van kalkaanslag van wasbakken en toiletten een zuur (ontkalkings)middel.
  Hanteer als werkvolgorde bij schoonmaken: van ‘schoon’ naar ‘vuil’ (bijvoorbeeld eerst de wastafels en het laatst de toiletten) en van ‘hoog’ (bijvoorbeeld bovenop een kast) naar ‘laag’ (bijvoorbeeld een vloer).
  Bedek de onderzoek-/behandeltafel voor iedere patiënt met een nieuwe disposable beschermlaag.
Desinfectie In het algemeen is desinfectie niet nodig na reiniging (de NHG geeft hier verder nog wel suggesties over, maar is niet van toepassing voor massagetherapiepraktijk)
Reiniging voorwerpen Wat betreft voorwerpen als kinderspeelgoed in de wachtkamer en/of spreekkamer: kies voor materiaal dat goed te reinigen en zo nodig goed te desinfecteren is.
Reinig deze voorwerpen in warm water met een neutraal reinigingsmiddel of reinig in een (vaat)wasmachine
Droog de voorwerpen na reiniging goed met een theedoek, die éénmalig wordt gebruikt.
Desinfecteer voorwerpen (kinderspeelgoed), materialen, apparaten en behandelartikelen als er zichtbaar bloed (of bloedbijmenging) of ander lichaamsvocht op aanwezig is. Gebruik voor desinfectie alcohol 70% of een ander geschikt desinfectans met een virusclaim dat is toegelaten door het Ctgb. Spoel zo nodig na met water om residu te voorkomen.